|
| |
Vervolg Jos Boerema
In 2007-2008 werd er een landelijk project ‘Kidsweek Junior in de klas’
gedaan. Naar aanleiding daarvan werd een aantal scholen bevraagd op
diverse momenten. De conclusie was dat de deelnemende scholen na
interventies (m.b.t. strategiegebruik, voorkennis en interactievormen)
andere accenten gingen leggen dan de controlescholen als het ging om
begrijpend lezen. De vragenlijsten lieten ook zien dat de scholen
begrijpend lezen als een vaardigheid zien, een verbindende factor tussen
de inhouden en als cruciale factor voor onderwijssucces en -plezier.
Maar observaties toonden aan dat leerkrachten nauwelijks verbindend te
werk gaan, dat er zelden wordt teruggekoppeld en dat er geen relatie
wordt gelegd met de dagelijkse realiteit (maar natuurlijk waren er ook
hele inspirerende voorbeelden). Vervolgens is er
onderwijsmateriaal (Actueel Onderwijs) ontwikkeld bij Kidsweek Junior,
dat begrijpend lezen, wereldoriëntatie en woordenschat combineert. In
overleg met SLO, inspectie, onderwijsbegeleidingsdiensten, experts en
scholen werd een leerlijn begrijpend lezen opgezet, die vervolgens werd
getest in een aantal scholen. In de 6 deelnemende scholen was er
begeleiding op het gebied van begrijpend lezen met een vast format en
vaste onderwerpen; er werd geobserveerd en bijgestuurd. Nog dit
cursusjaar moet blijken wat dit oplevert. Kritiek was er vooral wat
betreft de rol van fictieve teksten. Bij het alleen gebruiken van
informatieve teksten sluit je een waardevol deel af: een gezamenlijke
ervaring, het je inleven in een hoofdpersoon van een verhaal, je
verplaatsen in diens gedachtegang en daarover nadenken. Jos Boerema
vindt dat begrijpend lezen vooral breed moet worden gezien. In de
artikelen van Kidsweek wordt ook vaak verwezen naar boeken; kinderen
kunnen op die manier nieuwsgierig gemaakt worden (ook naar boeken). Hij
constateert ook dat bij de leerkrachten vaak de durf ontbreekt om het
begrijpend lezen anders aan te pakken. Leerkrachten zijn ook niet
allemaal zelf grote lezers. Echter (reactie vanuit de zaal) dan vatten
we lezen weer op als een literaire bezigheid. Er wordt wel veel gelezen
als je internet en alles buiten boeken om meerekent. Kritiek was er ook
op het lesboekje van Actueel Onderwijs, dat op een aantal van de
aanwezigen niet erg motiverend overkwam. Jos: Dit boekje is echter wel
zeer veel gevraagd. Hij beaamt dat de ontwikkeling van lesmateriaal een
zoektocht is, en ... op de website zijn uitgebreidere lessen te vinden.
Maar kinderen grijpen in de praktijk graag naar de krant, dat is een
belangrijk bij het bevorderen van leesplezier bij kinderen. Conclusie:
de functie van het lesmateriaal is misschien nog niet ideaal, maar wel
een belangrijk initiatief om begrijpend lezen aantrekkelijk te maken.
Maar het staat of valt met hoe leerkrachten ermee omgaan en dus met hoe
we onze studenten opleiden. |
|